pittige peuter

Elke gelijkenis met mij en Emil berust op louter toeval. Dit is een stockfoto waar wij gewoon kei hard op lijken. 🙂

Nog enkele maanden en Emil wordt al 2. Zot snel is de tijd gegaan als ik er zo naar terug kijk. Wat ooit begon als een hulpeloos wezentje is nu al helemaal aan het uitgroeien tot een peutertje dat maar al te goed weet wat hij wil. Ook wel gekend als een pittige peuter.

Wie er ook eentje in huis heeft, of ooit gehad, weet wat ik bedoel. De uitbarstingen, soms mini klein, soms is een vulkaan er niets tegen, liggen telkens weer om de hoek. Soms volgen ze elkaar in snel tempo op, dan lijkt het weer wat beter te gaan. Maar net op het moment dat je denkt, nu heb ik alles onder controle, barst het uit.

Waarom dan? Euh ja, voor vanalles en nog wat. Soms terecht, soms gewoon voor niets.

Een bloemlezen uit de afgelopen week

  • Ik ben niet snel genoeg in het opwarmen van melk. Ik weet het 30″ kan lang duren.
  • Hij wil naar de ‘tui’ (tuin). Zo snel mogelijk. Wie doet er dan schoenen aan?
  • Zijn zonnepet valt van zijn hoofd en hij kan ze er niet zelf terug opzetten. Vervelend ja…
  • Hij mag niet gooien met dingen, ook niet met zijn eten. Ja, ik weet het. We voeden hem super steng op.
  • Hij kan niet gaan spelen met buurmeisje Roosje. Hij klemt zich vast aan het tuinhek en roept luid Doosje, Doosje.
  • Hij moet aangekleed worden. Vreselijk natuurlijk.
  • Hij krijgt de kraan niet open om zijn gietertje te vullen. Dat is inderdaad vrij ambetant.
  • We gaan met de auto weg, maar hij wil niet mee. Geen idee waarom.

Aangezien wij wel eens twijfelen hoe we moeten reageren, trokken we naar een workshop van Het huis van het Kind in Leuven, met als titel ‘Pittige Peuters’.

Daar zaten we dan, op een warme voorjaarsavond, met drie andere ouderparen rond een tafel in een vergaderzaaltje. Waren er maar zo weinig mensen die ook een ‘karaktertje’ in huis hadden? Of zijn wij de zeldzame soort die niet goed weten hoe we ermee om moeten gaan… De twijfel sloeg wat toe, maar de aanwezigheidslijst stelde me gerust. De helft bleek zijn kat gestuurd te hebben. Vermoedelijk iets met goed weer en zo. Nu ja, er zijn dagen dat ik ook liever een terras met cocktail verkies boven een muf zaaltje. We werden al meteen gerust gesteld. Dat alle peutertjes door een moeilijke periode gaan. Een periode dat ze niet goed weten wat ze allemaal voelen en hoe ze daarop moeten reageren. Ze kunnen het vaak nog niet of onvoldoende uitleggen. Beginnen brullen, wenen, slaan en stampen is dan vaak de enige uitweg. ‘Oef’, denk ik, ‘het is een fase!’.

Om ons helemaal te doen blinken, wordt de nadruk gelegd op het belang van karakter. Beter een kind met karakter, dan een ja-knikker. ‘Hmm… zo had ik het nog niet bekeken’, hoor je iedereen rond de tafel denken.

Maar goed, leuk om weten allemaal, maar daarvoor waren we niet gekomen. Ik wil vooral weten hoe ik moet reageren als mijn kind geen weg weet met zijn emoties.

Om eerlijk te zijn, we hebben al vanalles geprobeerd. Soms worden we boos, soms lachen we ermee, soms negeren we het. We proberen het soms ook uit te leggen, of hem af te leiden en uitzonderlijk straffen we hem. Maar wat ben je daarmee als hij denkt dat hij zich achter de deur in de hoek aan het verstoppen is…

Maar wat is nu de enige juiste manier om te reageren?

Daarvoor werd de opvoedingspiramide van Webston – Stratton erbij gehaald. En ja, die werkt zo een beetje als de voedingspiramide. Uit de basis onderaan mag je veel putten, uit het topje maar af en toe eens.

opvoedingspiramide

Concreet wil dit zeggen dat je vooral positief moet belonen. Niet meteen met snoepjes of koekjes, wel met knuffels en applaus. Benadrukken dus wat ze goed doen, wanneer ze dat goed doen.

Als het dan toch tot een driftbui is gekomen, dan kan je hen best laten uitrazen. Eens ze wat gekalmeerd zijn, praat je met hen over wat er net gebeurd is. Waarom ze zo boos waren, of triest. Zo leren ze emoties kennen en benomen. Een volgende keer kunnen ze dat dan al beter inschatten. Al moet je vaak iets 30 tot 100 keer zeggen voor het echt blijft hangen. Herhalen is dus de boodschap.

Negeren en vooral straffen doe je best maar enkel uitzonderlijk. Als ze het echt uithangen bijvoorbeeld. Roepen en slaan zijn een absolute no-go.

De theorie werd ook aangenaam afgewisseld met de praktijk. De voorbeelden van de andere ouders waren herkenbaar. Plots voelden we ons allemaal een beetje meer gewapend om onze peuters door die moeilijke periode te loodsen.

Terug thuis, proberen we alles nu zoveel mogelijk te benoemen en uit te leggen. Of het echt werkt, zullen we binnen een paar jaar weten.

Heb je zelf vragen over de opvoeding van je kind, dan kan je daarvoor terecht bij een Huis van het Kind bij jou in de buurt.

Tussen 16 mei en 23 mei is het de week van de opvoeding. 

Week van de opvoeding